Actueel nieuwsbericht
naar het actuele nieuwsoverzicht
Miljoen hommels gekweekt voor bestuiving21 augustus 2009 (bron: Algemeen Dagblad)Miljoenen hommels kweekt het familiebedrijf Koppert uit Berkel en Rodenrijs per jaar. De insekten worden al meer dan twintig jaar door tomatentelers in kassen gebruikt voor de bestuiving van hun gewassen. Nu een tekort aan bijen dreigt, groeit hun behaarde evenknie ook in buitengewassen in populariteit. Zomaar een loods, ergens in Berkel en Rodenrijs. Buiten is weinig leven te bekennen, maar binnen krioelt het van de hommels. Wekelijks importeert Koppert bv tienduizenden beestjes uit Slowakije, bestemd voor tomatenkwekers in heel de wereld. Met een jaaromzet van 75 miljoen euro is het Berkelse bedrijf zelfs internationaal marktleider. „De laatste jaren zien we de vraag alleen maar toenemen,’’ zegt Markus Huurman van het bedrijf. Het geheim van de hommel? Even een lesje biologie. De tomaat is een windbestuiver, wat betekent dat de tomatenplant wind nodig heeft om zijn eigen bloempjes te bevruchten met stuifmeel. Maar in de kassen waait het niet. Tot in de jaren ’80 moesten tomatenkwekers het stuifmeel handmatig lostikken totdat een slimme Belg op het idee kwam om hommels te gebruiken. Waar de bij op nectar afkomt, houdt zijn grote, harige ‘broer’ de hommel van stuifmeel. In de vestiging in Slowakije worden de hommels van Koppert gekweekt. Daarna wordt het ‘halffabrikaat’ naar Nederland verscheept. In de Berkelse loods klinkt gezoem: dit zijn de hommels die net zijn overgekomen. „Onderweg hebben ze een kroketje stuifmeel gehad,’’ vertelt productontwikkelaar Paul Leistra. „Hier selecteren we ze op grootte. De kleine hommelkolonies blijven hier om nog even verder te groeien, de rest kan meteen door naar de klant.’’ In een rood verlichte kamer worden de hommels verpakt, want in dat licht vliegen ze niet. „Dat maakt de kans dat ze ons personeel steken ook meteen kleiner,’’ legt Markus Huurman van het bedrijf uit. Ze prikken niet zo graag als wespen, maar de kans dát ze steken blijft wel aanwezig. „Daar moeten onze werknemers tegen kunnen.’’ Leistra: „We adviseren onze mensen: draag geen parfum of lichtblauw, want daar komen ze op af.’’ Leistra demonstreert hoe de hommels uit de plastic transportdoos in een speciaal nestkastje moeten worden gezet. In één razendsnelle beweging heeft hij de beestjes overgezet zonder dat er één ontsnapt of achterblijft in de transportdoos. Klaar voor gebruik. Het verhaal van het bijzondere bedrijf begon ruim veertig jaar geleden, toen de Berkelse komkommerteler Jan Koppert last had van plagen in zijn gewas. Huurman: „Voor chemische middelen bleek hij allergisch. Hij zocht een alternatief en vond die in een laboratorium in Zwitserland: insecten als biologische bestrijder.’’ Pas later legde het bedrijf de nadruk op de hommel, toen de slimme Belg het nut van dat beestje voor bestuiving van tomaten had gevonden. Inmiddels is Koppert dankzij de vondst een miljoenenbedrijf. En de belangstelling voor de hommel belooft alleen maar groter te worden, nu in Nederland een tekort aan bijen dreigt. De bijen worden geteisterd door ziekte, een gebrek aan imkers en aantrekkelijke planten en bomen en het gebruik van pesticiden. Telers zetten die beestjes buiten in voor bestuiving, en de nauw verwante hommel is dan het logische alternatief. „De verkoop van hommelkastjes aan de buitenteelt stijgt. Overigens niet alleen vanwege het bijentekort, maar ook vanwege de goede eigenschappen van de hommel,’’ promoot Huurman het geel-zwarte beestje. En de hommel is niet seizoengebonden. „Waar bijen niet bestuiven als het buiten koud is, werkt de hommel gestaag door. Ze kunnen zelfs tegen de kou uit het hoge noorden.’’
|
Uitgelicht

forumdiscussie)
1 reactie) 
